maandag 13 september 2010

EX-PSYCHIATRISCHE PATIËNTEN VINDEN BAAN IN DE GEZONDHEIDSZORG SOLLICITATIE-EIS: PSYCHIATRISCH VERLEDEN

EX-PSYCHIATRISCHE PATIËNTEN VINDEN BAAN IN DE GEZONDHEIDSZORG SOLLICITATIE-EIS: PSYCHIATRISCH VERLEDEN
Bron: http://www.hetzwartegat.info/assets/files/opkomst%20ervaringswerkers%20in%20de%20GGZ.pdf
Ex-psychiatrische patiënten die op basis van hun eigen ervaringen of ziektebeeld een betaalde baan vinden als ervaringsdeskundige in de psychiatrie. In de Verenigde Staten kennen ze het al veel langer en ook binnen Nederlandse GGZ-instellingen komt de functie ervaringsdeskundige als vast onderdeel van het behandelteam steeds vaker voor. Desondanks ligt de geldelijke beloning beduidend lager dan die van collega's. Hoog tijd dat we eens fatsoenlijk betaald krijgen', vinden de ervaringsdeskundigen.
Juni 2007 Door Marco den Hollander “Als ik bij een cliënt thuis kom die bijvoorbeeld alleen nog maar depressief op bed kan liggen, weet ik hoe ik me voelde toen ik er zelf zo aan toe was. Die herkenning kan ik inzetten om makkelijker met cliënten in contact te komen.”
Aan het woord is Willy van Meurs, werkzaam als ervaringsdeskundige binnen het behandelteam van de GGZ Europoort in Rotterdam. In het verleden is ze opgenomen geweest in psychiatrische instellingen en heeft ze onder andere intensieve groepstherapie gevolgd. “De ervaring die ik daar als patiënt opdeed en uiteindelijk mijn herstel tot gevolg had, neem ik nu juist mee in mijn werk”, legt de 41-jarige ervaringsdeskundige uit.
Willy heeft zelf vroeger last gehad van zware depressies, maar het komt ook voor dat ze bij mensen thuiskomt die met heel andere psychische problemen kampen. “Natuurlijk uit iedereen problemen op zijn eigen manier. Maar de geestelijke worsteling die de cliënten doorstaan is herkenbaar. De frustratie en onmacht bij psychische problemen komt vaak overeen.” Binnen het behandelteam van de GGZ Europoort heeft Van Meurs een volwaardige functie. Desondanks zijn ervaringsdeskundigen binnen de GGZ ingedeeld in één van de laagste loonschalen, ongeveer op het niveau van de baliemedewerkers en de huishoudelijke medewerkers die wat langer in dienst zijn. Een voorname reden waarom ervaringsdeskundigen uit heel Nederland onlangs hebben besloten de koppen bij elkaar te steken voor de oprichting van een eigen vakvereniging.
“Als ervaringsdeskundigen willen we serieus genomen worden en af van de onderwaardering door de GGZ”, zegt contactpersoon van de vakvereniging Fred Verdouw. “De onterechte achterstandssituatie in beloning moet eens afgelopen zijn.”
Het uitwisselen van ervaringen noemt Verdouw ook als reden voor de oprichting van een vakvereniging. “Veel ervaringsdeskundigen vinden het prettig met elkaar te bespreken welke moeilijkheden ze tegenkomen in hun vak en hoe ze daarmee omgaan. De bijeenkomsten zijn daar een mooie gelegenheid voor.” Opmars ervaringsdeskundigen
De opmars van ervaringsdeskundigen binnen GGZ-behandelteams in Nederland komt voort uit een nieuwe, uit de Verenigde Staten overgenomen organisatievorm: het ACT-model.
Psychiater Niels Mulder en sociaal psychiatrisch verpleegkundige Michel de Baan merkten de wijze van werken een aantal jaren terug voor het eerst op in Chicago.
De Baan: “ACT staat voor Assertive Community Treatment. Op werkbezoek in Chicago zagen we hoe goed deze behandelteams daar aansloegen. We hebben toen besloten ook binnen de Nederlandse GGZ een eigen ACT-Team op te richten.” De Baan is nu teamleider van het ACT-Team bij GGZ Europoort. “Het komt er in het kort op neer dat in een ACT-team allerlei disciplines verenigd zijn”, legt psychiater en onderzoeker Niels Mulder uit. “Er zitten niet alleen psychologen in het behandelteam, maar hulpverleners met verschillende vakgebieden. Woonbegeleiders, activiteitenbegeleiders, psychologen, verslavingsartsen en dus ook ervaringsdeskundigen”,
Die fusie van verschillende disciplines binnen één team heeft als kenmerk dat cliënten op verschillende levensterreinen tegelijkertijd kunnen worden geholpen. De psycholoog van het team helpt de cliënt met een goed gesprek, terwijl de woonbegeleider dezelfde cliënt bijvoorbeeld met praktische hulp bijstaat tijdens een afspraak bij de uitkeringsinstantie. Michel de Baan: “De opkomst van de ACT-teams in Nederland hebben mede tot gevolg dat ex-psychiatrische patiënten in loondienst worden aangenomen als ervaringsdeskundige. Ze maken vaak gemakkelijk contact met de cliënten door een groot inlevingsvermogen vanuit eigen ervaring
en kunnen daarom nuttige bijdragen leveren aan de gesteldheid van een cliënt. De sollicitatie-eis voor deze functie is een psychiatrisch verleden”, lacht De Baan.
In de verslavingszorg wordt al tientallen jaren gebruik gemaakt van betaalde ervaringsdeskundigen, maar verder werkten ze in Nederland tot de invoering van het ACT-model op veel kleinere schaal en vrijwel altijd vrijwillig.
Opleiding voor ervaringsdeskundigen
Dat is nu verleden tijd, want inmiddels kennen bijna alle provincies een GGZ-instelling met een ACT-team. Die groeiende vraag naar ervaringsdeskundigen blijkt ook uit het feit dat er in Rotterdam en Haarlem inmiddels zelfs 2-jarige SPW-opleidingen (sociaal pedagogisch werk) voor ervaringsdeskundigen bestaan. “De opleiding is op MBO-niveau en specifiek bedoeld voor mensen met een psychiatrische achtergrond die zelf in de hulpverlening willen gaan werken”, vertelt opleidingsdocente Marjo Boer van het Zadkine College. “Momenteel hebben we in Rotterdam dertig leerlingen. De deelnemers hebben één dag per week school en volgen daarnaast negentien uur stageonderwijs. Als ze na twee jaar het examen halen, zijn ze in het bezit van het landelijk erkende SPW-diploma”, aldus Docente Boer.
Het grootste verschil tussen een SPW-opleiding voor ervaringsdeskundigen en een reguliere SPW-opleiding is dat bij ervaringsdeskundigen extra aandacht wordt besteed aan reflectie op het eigen verleden. De leerlingen kunnen in situaties terecht komen waarin ze worden geconfronteerd met pijnlijke associaties vanwege hun psychiatrische achtergrond. De kunst is daar zo goed mogelijk goed mee om te gaan en de herinnering zelfs in te zetten bij het werk. De eerste groep ervaringsdeskundigen met een SPW-diploma studeerde vorig jaar af. Willy van Meurs hoorde daarbij. “Eigenlijk ben ik nu woon- en activiteitenbegeleider tegelijkertijd”, glimlacht ze. “Na het gezamenlijke teamoverleg aan het begin van de morgen, ga ik net als mijn collega's op pad. Ik bezoek gemiddeld acht cliënten per dag.”
Toch zijn andere SPW'ers binnen de GGZ Europoort twee tot drie loonschalen hoger ingedeeld dan Van Meurs. Haar ACT Teamleider Michel de Baan vindt dat niet vreemd: “Het is misschien zuur, maar wie als ervaringsdeskundige wordt aangenomen krijgt daar ook naar betaald. Daar verandert een later behaald SPW-diploma niets aan. Ik ben nu teamleider bij GGZ Europoort, maar als ik ga solliciteren als kok zal ik ook helemaal onderaan de ladder moeten beginnen. Ik krijg dan uiteraard niet betaald voor mijn capaciteiten als teamleider, maar als leerling-kok.”
Bijval van de AbvaKabo
Steven Makkink, medewerker van de stichting Kwadraad in Utrecht en medeoprichter van de vakvereniging, hekelt een te gemakkelijke houding bij GGZ-instellingen om ervaringsdeskundigen voor hun karretje te spannen. “Veel ervaringsdeskundigen zetten zich met hart en ziel in voor hun werk. De GGZ-instellingen vragen soms veel van ze. Daar mag best iets tegenover staan. Het probleem is alleen dat er binnen de organisatie niets voor ze is geregeld. Onze vakvereniging wil daar absoluut verandering in brengen.” De vakvereniging voor ervaringsdeskundigen vindt daarin bijval van de AbvaKabo: “Het lijkt me verstandig als we eens goed met elkaar rond de tafel gaan zitten. De vanzelfsprekendheid waarmee de GGZ deze mensen in de laagste loonschalen indeelt, lijkt me niet erg logisch”, denkt vakbondsbestuurder Elise Merlijn.
Een EVC-procedure lijkt haar een goede uitkomst. “EVC staat voor Erkenning Verworven Competenties. We kijken dan in wat voor soort profiel we een ervaringsdeskundige kunnen plaatsen. Ervaring en opleiding bepalen wat een redelijke loonschaal is voor die persoon.” Ervaringsdeskundigen inschalen naar ervaring en opleiding lijkt ook psychiater Niels Mulder een mooie maatstaf. Hij vindt het een nuttig idee dat de ervaringsdeskundigen zich verenigen in een eigen vakvereniging. “Het is nog een onontgonnen terrein. Ik kan me voorstellen dat de groep ervaringsdeskundigen behoefte heeft aan een duidelijk omlijnd functieprofiel met de daarbij horende arbeidsvoorwaarden.”
Mulder sluit ook niet uit dat een dergelijke 2-jarige SPW-opleiding zoals die in Rotterdam en Haarlem wordt gegeven, binnenkort als standaard sollicitatie-eis voor ervaringsdeskundigen in ACT-teams kan gaan gelden. “Een bepaalde professionalisering komt de uitoefening van het werk als ervaringsdeskundige alleen maar ten goede.” Opstapje
ACT-teamleider Michel de Baan denkt daar vooralsnog anders over: “Het is gewoon niet wenselijk iemand te gaan belonen naar diploma in plaats van naar functie. Het einde raakt dan zoek. Ik ken ook psychologen die een functie als woonbegeleider hebben geaccepteerd. Zij krijgen nu ook niet
betaald als psycholoog, maar gewoon als woonbegeleider.” Ervaringsdeskundigen kunnen hun functie zien als opstapje, vindt de Baan. “Meestal komen ze blanco binnen. Ze hebben alleen ervaring als patiënt en doen binnen het ACT-team voor het eerst ook ervaring op als hulpverlener. Niemand verbiedt ze om na een paar jaar opgedane werkervaring door te solliciteren op andere functies binnen de GGZ. Een functie waarbij het SPW-diploma wel van pas komt.” 7 september woont Elise Merlijn namens de AbvaKabo voor het eerst een specifieke ACT-bijeenkomst bij van ervaringsdeskundigen. “Ik ben benieuwd wat deze mensen te zeggen hebben. Ik denk dat ze het meeste bereiken als we de krachten bundelen.” In het verhaal verwerkte bronnen: • Michel de Baan
Sociaal psychiatrisch verpleegkundige/ teamleider ACT GGZ Europoort
• Willy van Meurs
Ervaringswerker binnen het ACT-Team van GGZ Europoort; locatie Spijkenisse
• Fred Verdouw
Medeoprichter Vakvereniging voor ervaringswerkers
• Niels Mulder
Psychiater GGZ Europoort
• Elise Merlijn
Vakbondsbestuurder Elise Merlijn van AbvaKabo FNV
• Marjo Boer
Docent Zadkine opleiding Rotterdam voor ervaringsdeskundigen
• Steven Makkink
Medewerker stichting Kwadraad en medeoprichter vakvereniging voor ervaringswerkers
Niet in het verhaal verwerkte bronnen :
• Gijs Francken
Ervaringswerker Mentrum Amsterdam
• Hilly Beuving
Maatschappelijk werkster steunpunt GGZ Utrecht/ medewerkster project ‘Samen deskundig'
• Ed van Hoorn
Medewerker Instituut voor GebruikersParticipatie & Beleid en medeoprichter
vakvereniging voor ervaringswerkers

woensdag 8 september 2010

De film ‘Verloren Jaren’ (lengte is 64:12 minuten, de film bevat beelden die mogelijk schokkend kunnen zijn):

Bron; http://www.verlorenjaren.nl/de-film/

Verloren Jaren from Verloren Jaren on Vimeo.



De film ‘Verloren Jaren’ (lengte is 64:12 minuten, de film bevat beelden die mogelijk schokkend kunnen zijn):

Bart studeert aan de filmacademie als het noodlot toeslaat. De student kampt met zijn eerste psychose, maar weigert hulp te zoeken zodat hij steeds verder aftakelt. Bart wordt gespeeld door Wouter de Jong, bekend geworden door zijn rol als Milan Verhagen uit Goede Tijden, Slechte Tijden. Andere acteurs zijn onder andere Frederik de Groot, Elisa van Riessen en Sijtze van der Meer.

Het scenario van de dramafilm is gebaseerd op ervaringen van Bas Labruyère. De 35-jarige regisseur heeft de ziekte schizofrenie en heeft zelf te kampen gehad met psychosen. Pas na drie jaar liet hij zich opnemen in een psychiatrische kliniek. Na zijn herstel schreef hij een brief om zijn ervaringen met zijn familie en vrienden te delen. Gestimuleerd door zijn behandelaar, Wim Veling, besloot hij de brief te verfilmen.

Een korte introductie over de film ‘Verloren Jaren’:

Verloren Jaren is de eerste film waarbij de kijker door de ogen van een ervaringsdeskundige een psychose ervaart. Het project is tot stand gekomen dankzij steun van geneesmiddelenfabrikant AstraZeneca, Stroom Den Haag, Fonds Nuts Ohra en Stichting Koningsheide. Met de film willen de betrokkenen aandacht vragen voor de eerste tekenen van psychosen. De film is geproduceerd door JensenFrisbee in samenwerking met het Haagse Parnassia, psycho-medische zorg.

De trailer van de film ‘Verloren Jaren’:

Jaarlijks krijgen zo’n 3000 Nederlandse jongeren een eerste psychose. Hoewel dat vaak onverwacht lijkt te gebeuren, zijn er meestal toch voortekenen. Omdat deze vaak niet worden herkend, is hun leven al behoorlijk ontwricht wanneer ze hulp zoeken. Hoe eerder een psychose of de voortekenen daarvan wordt behandeld, hoe minder ingrijpend het is en des te beter de herstelmogelijkheden zijn.

De film ‘Verloren Jaren’ ging in voorpremière op 13 april 2010 in het Filmhuis Den Haag. De dag erna, op woensdag 14 april 2010, vond de première plaats tijdens het Voorjaarscongres van de Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie in het MECC in Maastricht. AstraZeneca organiseerde er een satellietsymposium waar de film te zien was. Sinds donderdag 15 april 2010 is de film online te zien.

Dit artikel is ook verkijgbaar in het: Engels, Frans

"Verloren Jaren" Bas Labruyère

Bron: http://www.verlorenjaren.nl/
Toelichting producent
August 16th, 2010 · De Film

‘Psychose te laat ontdekt bij gezinsdrama’ en ‘Bureau jeugdzorg faalde in zaak vermoorde Kelly’. Zomaar twee koppen die recentelijk in het nieuws voorbijkwamen waarbij psychose een belangrijke rol speelt. Psychose wordt gemakkelijk en veelvuldig gebruikt, maar wat is het eigenlijk en hoe is het om een psychose te hebben?

Deze twee vragen zijn het uitgangspunt geweest waarop JensenFrisbee heeft gezegd dit project te willen adopteren. JensenFrisbee heeft zich in de loop der jaren ontwikkeld als een productiemaatschappij waar verhalen verfilmd worden die naast vermaak, een noodzaak hebben verteld te worden. De noodzaak van Verloren Jaren was van het begin af aan glashelder.

Het idee is op papier gezet door Bas Labruyère die de ziekte schizofrenie heeft en zelf te kampen heeft gehad met psychoses, terwijl hij op de filmacademie in Amsterdam zat. Het verhaal was in eerste instantie opgesteld als brief omdat hij zijn ervaringen, met het selecte groepje vrienden en familie dat hem nog restte, wilde delen. Later is hij samen met zijn broer Robert Labruyère, die inmiddels afgestudeerd is aan de filmacademie, bij JensenFrisbee gekomen om het verhaal te verfilmen.

Door zijn eigen ervaring is dit een film geworden met een sterke impact op de kijker. De kijker wordt, mede door de docudramatische stijl, meegevoerd met de hoofdpersoon en balanceert tussen waan en werkelijkheid. Door een bijzondere acteerprestatie van Wouter de Jong, het bijzondere verhaal en de expliciete stijl, wordt je gedwongen met de hoofdpersoon mee te leven. De film geeft weer hoe het is om te leven met een psychose, hoe beperkt en naargeestig dit ook is.

Partner in de totstandkoming was Parnassia Psycho Medische Zorg , het zorgcentrum waar het idee is ontstaan om de brief om te zetten in een scenario. Samen met hen en Bas Labruyère hebben we gekeken naar wat we met een minimaal budget konden verwezenlijken. Uiteindelijk hebben we besloten deze film te maken met een budget van slechts 40.000 euro. Bij zulke minimale budgetten is het essentieel dat de voltallige crew en cast tegen een evenredige (onkosten) vergoeding wil werken. Dankzij de uniciteit van het project en het netwerk dat JensenFrisbee in de jaren opgebouwd heeft was de invulling van een betrokken crew al snel voltooid. Daarnaast heeft iedere departement gewerkt met minimale middelen, wat het werk extra heftig maakt en waarbij maximale creativiteit en flexibiliteit vereist is.

JensenFrisbee is trots dat ze mee hebben gewerkt aan een dergelijk guerrilla project. De reacties uit het werkveld en van de verschillende kijkers maken dat we kijken of de ingeslagen weg kunnen voortzetten en dit project om te vormen van een guerrilla- naar een commercieel filmplan. De ontwikkeling hiervan is in volle gang en samen met Bas Labruyère wordt gewerkt aan het opstellen van een synopsis. Die willen we gebruiken om diverse instanties te benaderen in de hoop dat we dit unieke project aan een nog groter publiek kunnen vertonen.

Biografie van de regisseur
August 16th, 2010 · De Film

Bas Labruyère (1974) groeide op in het Friese plaatsje Wolvega. Op zijn achttiende verhuisde hij naar Maastricht om er Japans te gaan studeren. Tijdens zijn studie was hij actief in het studenten amateurtheater en organiseerde Japanse filmavonden bij de studievereniging. Zo ontwikkelde hij een passie voor film. Na een paar jaar staakte hij zijn studie en deed een eerste poging aangenomen te worden voor de studierichting regie (fictie) aan de Nederlandse Film en Televisie Academie.

Uiteindelijk deed Bas vier pogingen in vijf jaar tijd eer hij werd aangenomen. In die tijd volgde hij vele cursussen en particuliere opleidingen op het gebied van scenario en regie en studeerde een jaar filosofie aan de Faculteit der Wijsbegeerte van de Universiteit van Amsterdam.

Tijdens zijn studie aan de Nederlandse Film en Televisie Academie (2001 – 2006) ontwikkelde Bas zijn eerste psychose. Hierdoor moest hij zijn studie na zijn tweede jaar staken (2003). In het daarop volgende jaar leek het weer goed te gaan, waardoor hij instroomde in het derde studiejaar (2004). Helaas kwam de psychose terug, waardoor Bas aan het begin van zijn vierde studiejaar (2005) niet meer in staat werd geacht zijn studie voort te zetten.

Als onderdeel van zijn psychose was Bas er van overtuigd dat de filmacademie op de één of andere manier verantwoordelijk was voor wat hem allemaal overkwam. Daardoor weigerde hij hulp te zoeken. Vervolgens heeft Bas nog ruim twee jaar met een onbehandelde psychose rondgelopen. Uiteindelijk verhuisde hij naar Den Haag (2008) waar hij zich liet behandelen in een psychiatrische kliniek.

Inmiddels is de diagnose paranoïde schizofrenie gesteld, en gaat het, na een intensief zorgtraject, weer goed met Bas. Gestimuleerd door zijn behandelaars van het Centrum Eerste Psychose van Parnassia heeft Bas, samen met zijn broer Robert, die in 2006 afgestudeerd is in de studierichting productie aan de filmacademie, de film ‘Verloren Jaren’ kunnen maken (2010). De film is een ervaringsdocument over de periode waarin Bas te kampen had met zijn langdurige eerste psychose.

Momenteel werkt Bas aan zijn eerste bioscoopfilm, ‘de Verdwijning van Mohammed’, over een jongen die een eerste psychose doormaakt. Bas werkt daarbij wederom samen met Robert en er zijn meerdere ervaringsdeskundigen betrokken bij de totstandkoming van het project.

De totstandkoming
August 16th, 2010 · De Film

Het is december 2008. Ik ben dan net een paar maanden ontwaakt uit mijn langdurige eerste psychose. Ik heb net een antwoord gekregen van de filmacademie op mijn verzoek alsnog af te mogen studeren. Helaas zit het huidige, maar ook het komende vierde jaar overvol, waardoor er geen plaats (meer) voor me is. Toen ik in 2006 mijn studie (regie – fictie) aan de Nederlandse Film en Televisie Academie moest staken werd de hoop uitgesproken dat ik hulp zou zoeken. Dat heb ik jarenlang geweigerd omdat ik er van overtuigd was dat anderen verantwoordelijk waren voor wat mij allemaal overkwam. Nu stond ik onder behandeling bij hulpverleners van het Haagse Parnassia, maar leek het erop dat ik mijn carrière als filmmaker zou kunnen vergeten.

Zo vlak voor de kerst komt mijn psychiater, Wim Veling, met een voorstel. Het Centrum Eerste Psychose van Parnassia zou in mei 2009 een landelijke studiedag organiseren. Wellicht was het een idee als ik voor die studiedag een korte documentaire zou maken over het hebben van een eerste psychose. Ik besluit het voorstel met mijn broer Robert, die in de studierichting productie aan de filmacademie is afgestudeerd, te bespreken. Waarom zou ik mijn eigen verhaal niet gebruiken voor die documentaire? En daarmee was het idee voor de film ‘Verloren Jaren’ geboren. Het productiebedrijf JensenFrisbee bleek daarbij enthousiast om de film te produceren.

Wim Veling en mijn sociaal psychiatrisch verpleegkunde, Gertjan Meewis, zagen het idee zitten en de maanden erop zijn we begonnen met het vinden van financiering. Omdat dat met een eerste begroting van veertigduizend euro een tijdje zou duren lieten we het idee varen het tijdens de studiedag te willen vertonen. Daarnaast ben ik begonnen met het schrijven van het filmscript. Uitgangspunt voor het scenario was een brief die ik aan mijn ouders had gestuurd waarin ik vertelde wat ik dacht dat mij de jaren ervoor allemaal was overkomen.

In de nazomer van 2009 hebben we pas de helft van de financiering rond. We worden op dat moment gesteund door Stroom Den Haag, Fonds Nuts Ohra en Stichting Koningsheide. Er liggen dan al vijf versies van het scenario. Ik wil een authentiek document maken over hoe ik mijn psychose ervaren heb. Dat blijkt moeilijker dan gedacht. Daarnaast is het scenario uitgegroeid van twintig naar een stuk of vijftig pagina’s. Dan komt er goed nieuws. Geneesmiddelenfabrikant AstraZeneca is bereid de tweede helft van de financiering voor zijn rekening te nemen. Ook wil AstraZeneca de film gaan vertonen tijdens het voorjaarscongres van de Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie op 14 april 2010.

Robert en ik zijn blij, maar op basis van de versie van het scenario die er dan ligt zijn we ook bezorgd. Het project is uitgegroeid van een eenvoudig docu-drama naar een speelfilm van een uur. We twijfelen of we niet eerst extra financiering moeten zien te vinden, dat zou gezien het filmscript realistisch zijn. Zouden we het project bovendien niet moeten uitwerken naar een volwaardige speelfilm van anderhalf uur en er ook volwaardige financiering voor moeten zien te vinden? Uit enthousiasme besluiten we het project toch aan te gaan. We doen nog een aantal pogingen extra financiering te vinden, maar die blijken tevergeefs. Ook doe ik een laatste poging bij de filmacademie om alsnog af te studeren. Helaas wordt mijn idee met het filmscenario dat er ligt en de bij elkaar gebrachte financiering een eindexamenfilm te maken niet omarmd.

In het najaar van 2009 beginnen we met de préproductie. We hebben dan te maken met een filmscript van inmiddels zeventig pagina’s, een budget van rond de veertigduizend euro en een deadline op 14 april 2010. Het wordt een guerrillaproject, waarbij we afhankelijk zullen zijn van veel goodwill van mensen. In de maanden erop vinden we een volwaardige crew die bereid is voor een habbekrats mee te werken, en een cast waarvan het overgrote deel voor een onkostenvergoeding van 10 euro bereid is te acteren.

Na acht draaidagen, materiaal voor een speelfilm van anderhalf uur, drie weken montage en twee en een halve week sound design ligt er begin april 2010 een film van 65 minuten. Op 14 april ging ‘Verloren Jaren’ in première. Vanaf 15 april is de film gratis in HD-kwaliteit te zien via www.verlorenjaren.nl.

Bas Labruyère

Statement van de regisseur
August 16th, 2010 · De Film

Wat doe je als je regie (fictie) aan de Nederlandse Film en Televisie Academie gestudeerd hebt, jarenlang te kampen hebt gehad met een psychose, vervolgens niet meer mag afstuderen aan de filmacademie, maar toch een kans krijgt omdat je gevraagd wordt een documentaire te maken over een psychose en een budget bij elkaar weet te sprokkelen van veertigduizend euro? Aan de slag gaan!

Met ‘Verloren Jaren’ heb ik het medium film gebruikt om mijn eigen verhaal te vertellen. Mijn psychose begon met waanideeën waarbij ik dacht dat de filmacademie speciaal voor mij acteurs organiseerde om boodschappen over te dragen. Later begon ik stemmen te horen en zag en rook ik dingen die er niet waren. Omdat ik ervan overtuigd was dat anderen er op de één of andere manier verantwoordelijk voor waren weigerde ik professionele hulp te zoeken. Pas na jaren heb ik mij op laten nemen in het Klinisch Centrum voor Acute Psychiatrie van het Haagse Parnassia. Inmiddels is de diagnose paranoïde schizofrenie gesteld, maar gaat het door het gebruik van medicijnen en een intensief zorgtraject weer uitstekend.

Als je ontwaakt uit een psychose stort de door het eigen brein gecreëerde wereld in elkaar. Dat wat volgt valt het makkelijkst te vergelijken met een rouwverwerkingsproces. Het schrijven van het scenario voor de film ‘Verloren Jaren’ maakte voor mij onderdeel uit van dat proces. Er zijn in totaal zeven versies van het script geschreven, daarbij zijn alleen schildpad James en het filmen met de camera van de mobiele telefoon als fictie-elementen toegevoegd. Omdat het mijn eigen verhaal betrof en niet een bedacht drama was er veel kritiek op de dramaturgische onderbouwing van het scenario. Zo zou het verhaal onder andere te rechtlijnig zijn. Ik heb er toch voor gekozen zo dicht mogelijk bij mijn eigen beleving te blijven.

Samen met Valery Smink (production design) heb ik uitgebreid overlegd hoe we de film zouden vormgeven. We hebben voor een realistische aanpak gekozen, behalve bij de scènes met de studieleider regie die de perceptie van de werkelijkheid van hoofdpersonage Bart weergeven. Het was een idee van Valery deze theatraal aan te pakken waarbij de camera inrijdt op de docent.

Tijdens mijn psychose speelden kleuren een belangrijke rol. Ik was voortdurend bezig de wereld op te delen in een kleurenhiërarchie. Daarbij was alles dat rood was een bedreiging voor me. Ook al hebben we in het production design gekozen voor een realistische aanpak, ik wilde toch met kleuren spelen om te verduidelijken hoe het lijkt te zijn als je een psychose hebt. Dit hebben we uiteindelijk met name door middel van de kleuren van de kleding vertelt. Kledingontwerpster Sanne van Deursen en verantwoordelijk voor de kleding op de set, Mibinte van de Belt, hebben mij hier heel erg in geholpen.

De films die ik gemaakt heb tijdens en voor mijn periode aan de Nederlandse Film en Televisie Academie zijn allemaal degelijk gedecoupeerd, met rijders daar waar ze het drama dienen. In samenspraak met cameraman Steffie Phlippen heb ik besloten deze doordachte stijl zoveel mogelijk los te laten. We wilden een document maken dat door zijn realistische aanpak de kijker naar de keel zou grijpen. Bovendien was het een wens van mij om hoofdrolspeler Wouter de Jong zo veel mogelijk ruimte te bieden te improviseren tijdens de opnamen. De camerastijl is daarom handheld, rauw en anticiperend, met een minimum aan extra lampen gedraaid. Door deze guerrilla-aanpak hebben we bovendien het haalbare binnen de productionele randvoorwaarde de film in acht draaidagen te schieten weten op te rekken. In de montage van editor Sebastiaan van Emmerik is de camerastijl verder versterkt door het toepassen van veel time-cuts.

Een grote uitdaging was het sound-design. Het permanent horen van stemmen alsof er buiten iemand tegen je staat te praten was een belangrijk symptoom van mijn psychose. In samenwerking met sound-designer Narek Nikoghoysan zijn we er in geslaagd het vorm te geven zoals het is als je een psychose hebt.

De voor mij belangrijkste uitdaging bij het regisseren van hoofdrolspeler Wouter de Jong was hoe een psychose er voor de buitenwereld uitziet. Ik heb een jarenlange psychose achter de rug, maar heb mijzelf in die periode niet kunnen observeren. Bij de acteursregie heb ik Wouter heel veel verteld over wat ik toen dacht en voelde en in samenspraak met regieassistent Eline Schellekens hebben we het geprobeerd te vertalen naar hoe het eruit moet hebben gezien. Daarnaast heeft Wouter zich optimaal voorbereid op zijn rol door een dag mee te lopen in het Klinisch Centrum voor Acute Psychiatrie van Parnassia in Den Haag, waar hij in aanraking kwam met patiënten die middenin een psychose zaten.

De film ‘Verloren Jaren’ is een ervaringsdocument, meer dan een zuivere dramatische vertelling. Er kan dan ook van alles wat op de film aangemerkt worden. De film is echter authentiek, met een duidelijke noodzaak gemaakt en grijpt de kijker naar de keel. Ik ben blij dat ik de film gemaakt heb, en zou het in dezelfde situatie weer precies zo hebben aangepakt.

Bas Labruyère

maandag 6 september 2010

Vragenlijst van Stichting Door en Voor Databank Ervaringsdeskundigen geestelijke gezondheidszorg

Beste belangstellende,

Voor de cliëntensite www.netclienten.nl zijn we bezig met een interviewreeks over de vraag wat overwegingen zijn om hulp te zoeken en wat overwegingen zijn om zelf problemen op te lossen.


De interviews plaatsen we op de site, zodat anderen hierop kunnen reageren en mensen van elkaars ervaringen kunnen leren. Zou je hieraan mee willen werken? Het is een interessant interview en wij willen graag een vergoeding van zes euro bieden. De interviews zijn strikt anoniem.


Je kunt onderstaande vragenlijst zelf invullen en opsturen naar herman.snijders@gmail.com met vermelding van je giro of banknummer. Wil je liever telefonisch geïnterviewd worden? Dan kun je een mail sturen met vermelding van je telefoonnummer.


We horen graag van je!


Met vriendelijke groet,


Herman Snijders
webredacteur NetClienten




Vragenlijst: Hulpverlening (blijven) aangaan / zelf (gaan) doen


Welk pseudoniem wil je?


Wat is je leeftijd?


Hoe omschrijf je je kwetsbaarheid/aandoening?


Hoe kwam die voor het eerst tot uiting?


Hoe ging je daar mee om?


Werkte dat, hoe je er mee om ging?


Wat bewoog je er toe om het zelf te blijven doen en (nog) geen hulpverlening te vragen?


Wat bewoog je er toe om (toch) hulpverlening aan te gaan?


Wat voor soort hulpverlening was dit?


Wat waren afwegingen bij de beslissing om die hulpverlening aan te gaan?


1. Om uit de problemen te komen: sommige problemen zijn te zwaar om er alleen uit te komen. Misschien zie je geen andere uitweg dan hulp aan te gaan.


2. Het probleem erkennen


3. Je omgeving raadt je aan om hulp te zoeken


4. Een ander heeft kennis of inzicht waar jij niet over bezit. Een ander helpt om overzicht te houden op het probleem.

5. Van elke hulp kun je iets leren. Zelfs van slechte hulp leer je waar je de volgende keer op moet letten.


6. Je vindt jezelf belangrijk genoeg om hulp te aanvaarden.


7. De aanwezigheid van een ander werkt als een stok achter de deur. Doordat je betaalt voor hulp of iets anders terugdoet, heb je meer de neiging je probleem echt aan te pakken.


8. Andere redenen?


Heb je vaker hulpverlening gehad, kun je dan zeggen wat er veranderde in je afwegingen?


Wanneer was het kantelpunt om te denken: ik kan het nu voor het grootste deel zelf (eventueel nog wel ‘onderhoudshulp’)


Wat waren je afwegingen om het zelf te doen?


1. Je aanvaardt je problemen.



2. Je vertrouwt op je eigen mogelijkheden om een probleem aan te pakken. Zo leer je ook vertrouwen op je eigen kracht


3. Je hebt zulke slechte ervaringen met de hulpverlening dat je er helemaal vanaf ziet.


4. Je schaamt je om hulp te zoeken, durft niet, of voelt je schuldig.



5. Het ingaan op een probleem bevestigt het ook. Een diagnose en dossier kunnen het erger maken.



6. Allerlei drempels maken het niet de moeite waard: het kost geld, je moet er veel voor terug doen of je moet er iets anders voor laten. Het kost je meer dan het je oplevert.


7. De helper staat niet naast je maar tegenover je. Het voelt ongelijkwaardig.


8. Andere redenen?

dinsdag 31 augustus 2010

Patricia Deegan: "Ik ben geen psychiatrische ziekte" Herstellen van schizofrenie Je bevindt je op een cruciaal moment in je leven. Hulpverleners vertellen je dat je schizofreen bent. Je familie en vrienden beginnen je al te behandelen als een schizofreen... De Amerikaanse Patricia Deegan, op haar 17e schizofreen verklaard en nu werkzaam in de geestelijke gezondheidszorg, beschrijft hoe het mogelijk is jezelf - tegen de stroom in - te ontwikkelen tot een gezonde persoon die daarnaast een psychische handicap heeft. Ieder van ons, die ooit een psychiatrische diagnose opgelegd heeft gekregen, moet een proces van herstel doormaken. Herstellen is anders dan genezen van een ziekte. Het is méér dan genezing. Herstel betekent de overtuiging afleggen, dat je gedoemd bent als psychiatrisch patiënt door het leven te gaan. Herstel betekent dat wat je is overkomen en tot psychiatrisch patiënt heeft gemaakt, een betekenisvolle plaats krijgt in je leven om van daaruit verder te gaan, je mogelijkheden te ontdekken en ze te benutten. Als je van elke waardigheid bent ontdaan als gevolg van een psychiatrische diagnose, hoe kom je er dan toe je eigen unieke waarde te ontdekken? Die vraag stel ik me al lange tijd. Ik herinner mij hoe ik als adolescent voor het eerst te horen kreeg dat ik een psychiatrische ziekte had. Tijdens mijn eerste opname werd ik gediagnostiseerd als 'schizofreen' en drie maanden later, tijdens mijn tweede opname, kreeg ik de diagnose 'chronisch schizofreen'. Mij werd verteld dat ik een ziekte zoals diabetes had. Als ik de rest van mijn leven maar neuroleptica zou blijven slikken en stress zou vermijden, zou ik ermee om kunnen gaan. Toen mijn psychiater dit vertelde, voelde het alsof mijn hele wereld, mijn dromen, mijn verwachtingen van het leven, ineenstortten. Het voelde alsof mijn identiteit van me werd afgenomen. In één klap was ik van persoon getransformeerd tot een psychiatrische ziekte, tot een schizofreen. Nu ik terugdenk aan die tijd, raakt mij vooral hoe eenzaam ik toen was. Dit intense gevoel van totale eenzaamheid versterkte mijn gevoel van nul en generlei waarde te zijn. Natuuriijk gaf men mij medicijnen, nam men mijn bloeddruk op en kreeg ik creatieve therapie, psychotherapie, arbeidstherapie en bezigheidstherapie. Maar in wezen voelde ik me totaal alleen, op drift geraakt in een naamloze wereld zonder kompas of oriëntatiepunt. Mijn gevoel van totale eenzaamheid kwam voort uit het feit dat veel mensen met mij praatten over mijn symptomen, maar niemand met mij sprak over hoe het met mij ging. Niemand kwam naar me toe en zei: "lk weet dat je momenteel door een hel gaat. Ik weet dat je je totaal verloren voelt in deze nachtmerrie. Maar ik ben op het punt geweest waar jij nu bent. Ook ik heb het etiket 'schizofreen' opgeplakt gekregen en nog allerlei andere nare dingen. En ik ben hier om je te vertellen dat er een uitweg is en dat je niet de rest van je leven in psychiatrische ziekenhuizen moet verblijven. Ik ben in de buurt als je wilt praten." Ik kende alleen de stereotypes van psychiatrische patiënten die ik op televisie had gezien of in de bioscoop. Voor mij was een psychiatrische ziekte verbonden met Dr. Jekyll and Mr. Hyde, psychopathische seriemoordenaars, zwakzinnigen, schizo's en razende gekken. Mij beangstigde het meeste, dat professionele hulpverleners nu tegen mij zeiden dat ik tot deze groep behoorde. Het zou veel hebben geholpen als iemand mij verteld had over het overleven van een psychiatrische ziekte, over de mogelijkheid van herstel, en over het opbouwen van een nieuw leven voor mezelf. Als ik toen voorbeelden had gehad, was het beter gegaan: mensen met dezelfde ervaringen als ik zelf, maar met een baan, relaties, een huis voor zichzelf.. Maar in die eerste jaren was er geen sprake van dit alles. Daarom wil ik nu de dingen zeggen die destijds niemand tegen mij heeft gezegd. Ik wil praten met dat zeventienjarige meisje dat ik toen was. En haar vertellen wat ik nu weet, maar toen niet wist. Ik wil dat niet alleen aan haar vertellen, maar aan allen van ons die als psychiatrisch ziek worden beschouwd, die enorm lijden en weten wat wanhoop is, die is verteld dat we geen waarde hebben en die zich eenzaam en totaal verlaten voelen. Ik probeer de 21 jaar te overbruggen die mij scheiden van mijzelf als zeventienjarige. Ik vind het moeilijk om naar die jonge vrouw te kijken. Ik zie nicotine-vingers en een verkrampte manier van lopen als gevolg van de vele medicijnen. Haar ogen staren onafgebroken in het niets. Het is de periode tussen haar eerste en tweede opname en ze woont weer bij haar ouders. Ze dwingt zichzelf om acht uur 's ochtends uit bed te komen. Beneveld door medicatie zit ze in haar stoel, dezelfde stoel, elke dag. Ze rookt sigaretten .... de een na de ander. Die sigaretten zijn het bewijs dat de tijd voorbijgaat en dat is een opluchting. Van negen uur tot de middag zit ze en rookt en staart. Dan is er de middagmaaltijd. Om één uur gaat ze terug naar bed om tot drie uur te slapen. Tegen die tijd keert ze terug naar haar stoel en ze zit en ze rookt en ze staart. Dan is er het avondeten. Om zes uur 's avonds keert ze terug naar haar stoel. Dan, ten langen leste, is het eindelijk acht uur 's avonds, tijd om weer naar bed te gaan en in een gedrogeerde, droomloze slaap weg te zakken. Ditzelfde scenario wordt de volgende dag afgedraaid, en de dag erna en de dag daarna, gemarkeerd door slechts de volgende sigaret, de volgende... Terwijl ik naar haar kijk, weet ik dat ik niet zozeer de psychiatrische stoornis observeer. Ik ben getuige van een gefolterde menselijke geest. Ze verliest haar wil tot leven. Ze is niet suicidaal, maar ze wil sterven omdat niets meer de moeite waarde lijkt om voor te leven. Haar hoop, haar dromen en ambities zijn vervlogen. Ze ziet geen manier om daadwerkelijk te bereiken wat zij eens ambieerde. Haar toekomst is teruggebracht tot een prognose van verdoemenis. Haar verleden verdwijnt langzaam. Wat ze ooit wilde van het leven, lijkt nu nog slechts een droom die aan iemand anders toebehoort. Haar heden is leeg op de scherpe sigarettenrook na die haar ledigheid vult. Nee, dit is geen psychiatrische stoornis die ik zie. Ik zie een jonge vrouw van wie de hoop op een rijk en waardevol leven is vernietigd. Ze waant zichzelf onder de dode levenden en haar geest wankelt onder het gewicht van dit alles. Ik loop de kamer binnen en ga naast haar zitten. Ik wil met haar praten. Alleen al de gedachte daaraan maakt dat ik wil huilen. Ik leun naar haar over, terwijl zij in haar stoel zit te roken: Patricia .... Ik maak me bezorgd om je. Ik kan zien dat je enorm lijdt. Jouw lijden is niet onzichtbaar voor me. Ik weet dat de hulpverleners het druk hebben met hun observaties, met de behandeling van jouw symptomen. Maar niemand heeft oog voor de manier waarop je lijdt. Het feit dat je je zo totaal eenzaam voelt in je lijden, betekent niet dat je iets slechts of beschamends in je hebt. Probeer te begrijpen dat de meeste hulpverleners - in feite de meeste mensen - bang zijn om in stilte naast je te komen zitten. Het is hetzelfde als bij een begrafenis, wanneer mensen in de rij staan om de rouwende te troosten en ze bij zoveel Ieed bang en onhandig worden en niet weten wat ze moeten zeggen. Men vindt het beangstigend om gewoon wat tijd door te brengen bij mensen die enorm lijden. Mensen met zielesmart schreeuwen het uit. Zelfs als zij totaal stil zijn, zoals jij, kan je ze het horen uitschreeuwen. En dat geluid kan de kwetsbaarheid raken die elk mens in zich heeft. leder van ons, ongeacht zijn maatschappelijke positie, heeft die kwetsbaarheid in zich. Dat maakt samenzijn met iemand als jij riskant. En dat is de reden dat hulpverleners het zo druk hebben en geen tijd hebben om gewoon bij je te zijn. Natuurlijk, ze doen hun werk. Maar het is ook waar dat 'druk bezig blijven' de angst onder controle houdt, waardoor afstand kan worden bewaard van wat jouw lijden in hen oproept. Ik hoor ook woede in je lijden. Je bent kwaad, omdat je een psychiatrische ziekte zou hebben. Je bent kwaad, omdat je vrienden doorgaan met de gewone dingen zoals naar school gaan, uitgaan en het dromen van hun dromen. Je vraagt je af.. waarom ik? Waarom gebeurt dit met me? Ik weet het antwoord op die vraag niet. Ik weet niet waarom jou deze kaarten zijn toebedeeld. Wel weet ik dat je, ondanks dat je als psychiatrisch ziek wordt beschouwd, die ziekte niet bènt. Je bent een mens wiens leven waardevol is. Je bevindt je op een cruciaal moment in je leven. Hulpverleners vertellen je dat je schizofreen bent. Je familie en vrienden beginnen je al te behandelen als een schizofreen. Het is alsof de hele wereld een bril heeft opgezet die hen verhindert jou als mens te zien en waardoor zij jou alleen nog als een ziekte zien. Het lijkt alsof alles wat je doet, wordt gezien door die bril. Als je niet lacht, is dat zorgwekkend. En als je te veel lacht, is dat ook zorgwekkend. Als je niet beweegt, raakt men gealarmeerd en als je teveel beweegt, is dat ook alarmerend. De reeks van gedragingen en gevoelens die jou worden toegestaan, is drastisch beperkt als gevolg van de oogkleppen die de mensen om je heen hebben opgezet. Bijna alles wat je doet, wordt begrepen in het licht van je ziekte. In het verleden had je dagen waarop je 'kriebels in je buik' had. Nu zeggen ze dat je geagiteerd bent. Je voelde je soms gewoon verdrietig, maar nu word je depressief genoemd. Soms was je het ergens niet mee eens, maar nu wordt je verteld dat je gebrek aan inzicht hebt. Je gedroeg je altijd onafhankelijk, maar nu wordt je verteld dat je onafhankelijkheid een teken is dat je niet meewerkt, dat je je niet coöperatief opstelt, dat je behandelingsresistent bent. Je was gewend risico's te nemen. Je leerde van je fouten terwiji je groeide en leerde. Maar nu je als een psychiatrisch patiënt wordt beschouwd, is je dat recht ontnomen. Geen wonder dat je kwaad wordt. 'Normale' mensen maken keer op keer stomme fouten in hun leven. Niemand vertelt hen dat ze een case manager nodig hebben. Hoe vaak is Elizabeth Taylor in het huwelijk getreden? Bij de laatste telling was het zeven of acht keer, geloof ik. De arme vrouw heeft gebrek aan inzicht! Ze leert niet van haar ervaringen! Ze maakt keer op keer dezelfde stomme fouten! Waarom bezorgen ze haar geen case manager? Dit is een belangrijke tijd voor je, omdat je dreigt te bezwijken onder het beeld dat anderen van je hebben. Je dreigt langzamerhand dezelfde bril op te zetten en jezelf te zien zoals anderen je zien. Daarmee loop je het risico daadwerkelijk te worden getransformeerd van mens tot ziekte, tot een schizofreen. Dat is uiterst gevaarlijk. Want als ook jij zelf uiteindelijk gelooft dat je een ziekte bent, is er niemand meer om weerstand te bieden aan die ziekte. Zodra jij en je ziekte één zijn geworden, is er in jou niets meer om een start te maken met herstel, met het oppakken van het leven zoals jij dat wilt. Als je zelf eenmaal gelooft dat je een psychiatrische ziekte bent, geef je al je kracht weg - en anderen nemen de verantwoordelijkheid voor jou en je leven over. Daarom is het belangrijk dat je de pogingen om jou te veranderen in een ziekte weerstaat, hoe onbedoeld ze ook mogen zijn. Laat je leiden door je woede, je verontwaardiging, die elke keer oplaait als ze naar jou verwijzen als een ziekte. Je bent geen ziekte en je verontwaardiging moet je gebruiken om je waardigheid te beschermen. Sommige mensen zullen je vertellen dat je boosheid onderdeel is van je psychiatrisch ziektebeeld. Geloof ze niet. Woede is geen symptoom van psychiatrische ziekte. Sommige mensen zullen zelfs proberen je woede te onderdrukken met medicijnen. Dit kan gevaarlijk zijn. Als je je woede kwijtraakt door medicatie, kan dat je geest breken en je waardigheid beschadigen. Velen van ons weten dat het veel moeilijker is te herstellen van de effecten van zulke geestbrekende praktijken dan van een psychiatrische ziekte. Je woede is geen onderdeel van je ziektebeeld. Je verontwaardiging is een gezonde reactie op de situatie die je onder ogen moet zien. Je weerstaat de boodschappen die je krijgt. In en door je felle verontwaardiging word je waardigheid bewaard: "lk ben geen ziekte. Ik ben op de eerste plaats en bovenal een mens. Ik laat me niet reduceren tot een ziekte of een ding. Ik zal mijn kracht behouden, zodat ik, op termijn, mijn ellende aan zal kunnen en kan beginnen met mijn herstellingsproces." Mensen moeten begrijpen dat het tijd zal kosten om uit te zoeken wat er werkelijk plaatsvindt. Je moet een manier zoeken om betekenis te geven aan wat er met je gebeurt, zodat je er mee kunt leven. Dit heeft tijd nodig en gaat gepaard met vallen en opstaan. Je wilt misschien met hulpverleners praten, of met lotgenoten of vrienden. Je wilt misschien over het onderwerp Iezen om er meer over te weten. Misschien vraag ie om een tweede of derde mening van andere hulpverleners. Zorg dat je de dingen voor jezelf op een rijtje krijgt. Weet dat je jezelf kunt ontwikkelen, veranderen en je kennis van wat er met je gebeurt kunt vermeerderen. lets heeft er voor gezorgd dat je in een psychiatrisch ziekenhuis bent terechtgekomen. Stel voor jezelf vast wat dat is en wat je kunt doen om dat te veranderen. Ik zelf ben er, na jaren van zoeken naar antwoorden en na diverse diagnoses, achter gekomen dat ik het simpel moet houden. Zoals ik het zie, heb ik een aantal tamelijk onprettige ervaringen, zoals het horen van stemmen, die me naar beneden halen en me ertoe aanzetten mezelf pijn te doen. En soms raken mijn gedachten verward en kan ik niet goed communiceren. Het maakt me niet uit hoe men dit wil noemen. Wat ik weet, is dat deze ervaringen soms zo overweldigend kunnen zijn, dat ik het moeilijk vind om te werken of naar school te gaan of vrienden om me heen te hebben. Ik heb voor mezelf vastgesteld dat ik een handicap heb. Voor mij is het belangrijk te zeggen dat ik een handicap heb, maar dat ik daarmee nog niet een gehandicapt mens ben. Ik heb namelijk geleerd dat het mogelijk is een volwaardig en gezond leven te leiden en ondertussen een handicap te hebben. Mensen denken meestal dat dit niet samengaat, maar dat is niet waar. Ik leid een volwaardig en gezond leven en ik heb een psychiatrische handicap. Voor mij kan dit samengaan, omdat ik werk aan rnijn herstel. Ik ben vol vertrouwen in mijn herstel. Als ik dat vertrouwen kan vasthouden, valt de rest vanzelf op zijn plaats. Eén van de lessen die ik moest leren, is dat herstel niet hetzelfde is als genezing. Nadat ik er 21 jaren mee heb geleefd, met deze ziekte, is ze nog steeds niet overgegaan. Dus ik veronderstel dat ik nooit zal genezen, maar dat ik herstellende ben. Herstellen is een proces, geen eindpunt of doel. Herstellen is een houding, een manier om de dag en de uitdagingen die ik tegenkom onder ogen te zien. Mijn herstel betekent dat ik weet dat ik bepaalde beperkingen heb en dat er dingen zijn die ik niet kan. Maar in plaats van dat me dat tot wanhoop drijft en aanleiding is om op te geven, heb ik geleerd dat ik, juist door te weten wat ik niet kan, ook de mogelijkheden zie van alles wat ik wél kan. Voor mij betekent herstellen dat ik de bestuurder ben van mijn leven. Ik laat me niet beheersen door mijn ziekte. Door de jaren heen heb ik hard gewerkt om een expert te worden in de zorg voor mezelf. Voor mij betekent herstel dat ik niet zonder meer medicijnen slik. Ik maak liever gebruik van medicatie als onderdeel van mijn herstellingsproces. Ook laat ik mij niet zomaar opnemen. Ik gebruik de inrichting als ik dat nodig heb. In de loop der jaren heb ik verschillende manieren gevonden om mezelf te helpen. Soms gebruik ik medicijnen, soms therapie, zelfhulpgroepen, vrienden, mijn geloof in God, werk, beweging of de natuur. Dergelijke maatregelen helpen mij een gezond persoon te zijn, ook al heb ik een handicap. Herstellende zijn is geen kleinigheid. Het betekent niet dat de pijn en het lijden voorbij zijn. Eike dag opnieuw moet ik aan mijn herstel werken. Ik heb nog steeds tijden dat het minder goed met me gaat, maar ik probeer te onthouden dat een terugval geen falen van mijn kant is. Voor mij is zo'n terugval een teken dat ik een nieuwe fase in mijn leven inga, dat ik nieuwe, en daarom beangstigende gebieden in mijn leven betreed. Ik heb geleerd dat een terugval tljdens herstel niet hetzelfde is als decompensatie, ook al lijken de symptomen hetzelfde of zelfs erger. Ik beschouw een terugval eerder als een doorbraak. Het betekent dat ik groei, boven oude angsten uitstijg en dat ik nieuwe paden betreed, zoals nieuwe vrienden leren maken en ze behouden, anderen vertrouwen en van anderen leren houden. Als je er voor kiest samen met hulpverleners aan je proces van herstel te werken, dan is het belangrijk hulpverleners uit te zoeken die het verschil tussen decompensatie en doorbraak kennen. De symptomen mogen hetzelfde lijken, maar als je je leven in ogenschouw neemt, als je naar je leven kijkt vanuit mijn standpunt over herstel, dan is er een groot verschil tussen decompensatie en doorbraak. Het is belangrijk in te zien dat we niet alleen moeten herstellen van onze psychische problemen, maar ook van alles wat er op een psychiatrische diagnose volgt. Ik ben er van overtuigd dat velen van ons uit de inrichting komen met een Posttraumatische Stress Stoornis als direct gevolg van de traumata die we daar hebben opgelopen en het misbruik dat we hebben ondergaan of waarvan we getuige zijn geweest. We moeten bovendien herstellen van het stigma dat we ons eigen hebben gemaakt, alsook van de effecten van discriminatie, armoede en tweederangs burgerschap. Het etiket 'psychiatrisch patiënt' is immers een totaal-pakket waartoe armoede, traumata, ontmenselijking, ontwaarding, beperkte vrijheid en werkloosheid behoren. Herstellen gaat hand in hand met emancipatie. Herstellen houdt ook in dat je je politiek bewust wordt van de sociale, economische en menselijke onrechtvaardigheden die we moeten ondergaan. Emancipatie en herstel betekent dat we onze collectieve stem, onze collectieve trots en onze collectieve macht vinden en dat we de onrechtvaardigheden waarmee we worden geconfronteerd, uitdagen en veranderen. Ten slotte wil ik je nog ergens voor waarschuwen. Je zult hulpverleners tegen andere mensen horen praten over jouw persoon als goed of slecht functionerend. Of je nou als goed of als slecht functionerend wordt bestempeld, stap niet in de valkuil door hierin te geloven. Het zijn geen kenmerken van een persoon. Het zijn waarde-oordelen die een persoon worden opgelegd. Er zijn geen goed of slecht functionerende mensen. Er zijn mensen wier bijdragen we wel kunnen zien en waarderen en er zijn mensen van wie we de talenten over het hoofd zien. Als je een hulpverlener hoort zeggen dat iemand slecht functioneert, zeg dan tegen jezelf dat dat niet zo is. Het is slechts deze hulpverlener die niet in staat is de talenten van deze persoon te zien en te waarderen. De werkelijke uitdaging van dit alles is, dat je jezelf leert waarderen. Dat mag een onmogelijke opdracht lijken, omdat je overladen wordt met boodschappen en beelden die negatief zijn en je omlaag halen. Hoe kun je jezelf leren waarderen als je omgeven wordt door zulke wanhoopsboodschappen? Die vraag is moeilijk te beantwoorden. Ik ben nu 21 jaar ouder en ik werk er nog steeds aan om mezelf te waarderen. Maar op de een of andere manier, als ik naar mezelf, terugkijk, als ik jou zie roken en in het niets zie staren, als ik zie hoe je lijdt en geheel eenzaam bent, op de een of andere manier, ondanks alles wat men over jou heeft gezegd, zie ik hoe je werkelijk bent. Je bent een mooi en waardevol mens. Je bent niet een of ander ding dat weer gerepareerd moet worden. Je bent niet gek. Je hoort niet in inrichtingen voor de rest van je leven. Je hoort niet op straat rond te zwerven. Hoewel je tegen je wil wordt opgesloten als een beest, ben je geen beest. Je bent een mens. Patricia, als ik terug zou kunnen gaan in de tijd, zou ik je vasthouden. Ik zou je vertellen dat ik van je hou. Ik zou je willen beschermen. Ik zou je willen redden, maar ik weet dat ik dat niet zou kunnen. Dit gaat niet over gered worden. Dit gaat over het beginnen aan herstel, over het vinden van de juiste mensen om je daarbij te helpen en over het vinden van je eigen weg. Men zal je zeggen dat je doel is normaal te worden en een acceptabele plaats in de samenleving in te nemen. Maar een dergelijke rol is leeg tenzij jij er betekenis aan geeft en het invult met je eigen doelen. Word niet normaal. Het is niet onze taak normaal te worden. Je hebt uitsluitend de taak jezelf te worden. Het is mogelijk om jezelf te ontwikkelen tot een gezonde persoon die daarnaast een psychiatrische handicap heeft. Je leven mag dan op dit moment verwoest zijn - op deze ruïnes kun je een betekenisvol leven opbouwen. Het is niet je taak normaal te worden. Het is je taak de weg van herstel af te leggen en je te ontwikkelen tot de persoon die je werkelijk bent. Patricia Deegan Patricia Deegan is ervaringsdeskundige en werkzaam in de Amerikaanse geestelijke gezondheidszorg. Zij gaf Wilma Boevink toestemming om haar artikel over 'Recovery' dat in 1993 verscheen in 'The Journal of psychosocial Nursing" (vol. 31, nr. 4), te vertalen en te bewerken voor Deviant. http://www.tijdschriftdeviant.nl/teksten/005art01.htm

dinsdag 27 juli 2010

Onderzoek naar cliëntenraden

Onderzoek naar cliëntenraden
LOC Zeggenschap in Zorg - Onderzoek naar cliëntenraden: http://bit.ly/axfnER via @addthis

Prismant en het Verwey-Jonkerinstituut doen onderzoek naar het werk van cliëntenraden. Helpt u mee? Binnenkort komt er een vragenlijst online waarin u kunt invullen wat u voor raadswerk doet, met welke onderwerpen de raad zich bezighoudt en wat de resultaten zijn. Iedere (centrale) cliëntenraad die meedoet, draagt bij aan het beeld van cliëntenraden en het functioneren van medezeggenschap. Hoe meer raden ermeedoen, des te completer het beeld.


Wat is de Monitor Cliëntenraden?
De Monitor Cliëntenraden geeft antwoord op de volgende vragen.
• Hoe doen cliëntenraden en centrale cliëntenraden hun werk?
• Met welke onderwerpen zijn ze bezig?
• Welke resultaten behalen zij?
• Waar kunnen ze hulp bij gebruiken?

De vragen stellen we aan alle (centrale) cliëntenraden in de verpleging en verzorging. Dit doen we via internet. Vanaf 15 augustus tot 30 september 2010 kunt u meedoen.


De Monitor kan u helpen de medezeggenschap in de instelling te verbeteren.
• U heeft straks een beeld van uzelf.
• U kunt uzelf vergelijken met andere centrale cliëntenraden.
• De Monitor kan u helpen bij evaluaties.
• De Monitor kan u op ideeën brengen voor verbeteringen.
• De Monitor kan u gebruiken bij onderhandelingen met de zorgaanbieder.


Hoe kunt u meedoen?
Een week voor 15 augustus krijgt u een brief met informatie over het invullen van de
Monitor. Zoals gezegd, kunt u de vragen invullen op internet. In de brief staan ook de
link, de gebruikersnaam en het wachtwoord. Lukt het straks niet met invullen? Neem dan contact op met LOC Vraagbaak via 030 2843240 030 2843240 of vraagbaak@loc.nl .



Waar kunt u meer informatie krijgen?
Helen Kamphuis van Prismant kan antwoord geven op uw vragen over de Monitor
Cliëntenraden. U kunt haar bereiken via: helen.kamphuis@prismant.nl



Meer nieuws...
Geblogd met Flock-browser

vrijdag 23 juli 2010

Diagnose Levensklem

Contact:

iwanjka@gmail.com

06 28126175

 

Over mij...

Mijn naam is Iwanjka Geerdink. Geboren in Malawi uit Hollandse ouders. Ik zie mij zelf als changemaker. Als maatschappelijk ondernemer. Ik was één van de initiatiefnemers achter de partij Nieuw Nederland. We hebben als Lijst12 meegedaan met de verkiezingen 9 juni 2010. Een hele prestatie van alle betrokkenen... Ik was campagneleider.

 

Ik doe dit omdat ik zie dat de maatschappij mensen ziek maakt. En ik wil de verandering zijn. Er niet alleen over praten of op het systeem kankeren. Een vervolg op de verkiezingen is de oprichting van http://www.deniesa.nl. De nieuwe samenleving. En niet  klassiek-politiek platform, maar een beweging die veel meer dan de huidige politiek met 'politeia' te maken heeft (kunst van het het organiseren van de harmonische samenleving). Het huidige politieke systeem gaat ons niet helpen. Vandaar een platform buiten de oude politiek. Dat vervolgens wel een stem vormt in de huidige politiek. Door jouw stem te laten horen...

 

Verder ben ik muzikant (gitaar/zang), schrijf songs, schrijver van opinie-stukken en boeken, atleet (hardlopen, wave surfen, rotsklimmen), spreker. Ik denk dat ik door mijn ervaringen eindelijk geworden ben wat ik wilde worden: een Levenskunstenaar. En dat wil graag anderen ook geven, zonder mijn lijdensweg. En dat valt niet mee in deze maatschappij. Een volgend boek gaat wellicht 'Levenskunst in de 21e eeuw' heten...

 

http://www.iwanjka.com

 

 

 

 

Volg me op Twitter?

 

 

Boek bestellen

Per eind augustus leverbaar. Maak 23 euro over aan Holding Inspiration, 1460.61.330, en vermeld naam / adres in omschrijving en je krijgt het boek binnen een week thuisgestuurd. De opbrengst komt geheel ten goed aan de stichting van http://www.deniesa.nl

ISBN 978-90-815775-1-9, Uitgeverij Deniesa.

 

Nieuws

Maandblad Psy - 23 juli 2010: Wind of change waait... wanneer wordt NL wakker?

"Als hoogste ambtenaar van het ministerie van Volksgezondheid in Nieuw Zeeland was ervaringsdeskundige Mary O’Hagan verantwoordelijk voor een grootscheepse invoering van herstelgerichte zorg in de geestelijke gezondheidszorg."

Titel van het artikel: "Mary O’Hagan: ‘Sluit alle psychiatrische ziekenhuizen in Nederland".

Lees het hele artikel: Link naar artikel.

Mijn opinie: Het 'Diagnose Levensklem' boek kan gebruikt worden als een handleiding voor de migratie, en invulling van het alternatief...

Noot: Mary was had zelf de diagnose 'bipolaire persoonlijkheidsstoornis' gekregen...

Verder ben ik geen voorstander alle psychiatrische klinieken per direct te sluiten. Ik ben er wel voor een '3e' weg, ReHomes te maken  (1 = Maatschappij, 2 = Psychiatrie, 3 = Rehome) te maken. Met 'ReHomes': kleinschalige woongemeenschappen, waar onder professionele en ervaringsdeskundige begeleiding mensen kunnen bijkomen. En kunnen herstellen. Ontzorgt worden. Maar dan zonder een psychiatrische diagnose te krijgen. Eerst ontzorgen, uitrusten, uit de put proberen te komen. En met alternatieve disciplines zoals psychologie, maatschappelijk werk en kunstzinnige therapie hun leven weer op de rit zetten, en/of mogelijk herorganiseren. En op deze manier een mensen een herstart bieden, zonder dat ze zo diep hoeven te gaan als ik en 10.000 andere Nederlanders per jaar (suïcide)...

 Nieuwsbrief

Stuur een email naar:

iwanjka@gmail.com

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Recensies

Sarah Morton, zie ook deze link.

Tevens auteur van diverse boeken rondom het thema autisme.

 

“Al met al een verhelderend boek met veel verfrissende inzichten, ook en vooral voor maatschappelijke verandering. Dit kan zeker leiden tot een verlichte maatschappij! Heb ervan genoten.”

Michael Roeten, zie ook de link.

 

“…Ik ben erg geraakt door het online boek Levensklem‘ van Iwanjka Geerdink. Hij is een ex-GGZ patiënt die het huidige beleid rondom depressie aan de kaak stelt. Hij stelt dat depressie een vaag begrip is en veel mensen hiervoor onjuist worden ‘gelabeled’ en ‘behandeld’…

Persoonlijk vindt ik de term levensklem veel toepasselijker dan depressief. Ik weet wat het is om vast te zitten in het leven.”

Goed dat je lotgenoten contact noemt. Volgens jou zou lotgenoten contact zo’n 50% van de behandeling moeten uitmaken als ik me niet vergis. Daar kan ik me wat bij voorstellen.

Mirjam Nugteren, zie ook deze link.

Tevens auteur van het boek “Hannah is een Palindroom”, over de dunne scheidslijn tussen maatschappij en waanzin.

“…Iwanjka komt tot de conclusie dat je er niet op kunt rekenen dat in een verstoorde en verkrampte samenleving mensen wel normaal” kunnen functioneren. Dat het huidige GGZ-systeem vaak meer schade oplevert dan dat het werkelijk goed doet…”

 

 

 

Agenda

Onderwerp

Vrijdag 27 augustus

Lezing 'Diagnose Levensklem' (*). 20:00 - 22:00. Max 15 deelnemers. Locatie: Sintjorisstraat 64 (**).

Woensdag 8 september

DelendHelen sessie - vrije inloop (**). 20:00 - 22:00 Max 9 deelnemers. Locatie: Sintjorisstraat 64 (**).

Vrijdag 17 september

Lezing 'Diagnose Levensklem' (*). 20:00 - 22:00. Max 15 deelnemers. Locatie: Sintjorisstraat 64 (**).

Woensdag 15 september

DelendHelen sessie - vrije inloop (**). 20:00 - 22:00 Max 9 deelnemers. Locatie: Sintjorisstraat 64 (**).

 

 

Traject DelendHelen

Ik ben van plan na 1 september ook een traject DelendHelen te starten. Dit zijn negen sessies met 'lotgenoten'. De 1e sessies kennen een focus op 'delen en kennismaken'. Dan volgen een aantal sessies om gestructureerd je de 'klemfactoren' in jouw leven te modelleren en te beschrijven. De laatste sessies zijn gericht op 'loskomen' en  vicieuze cirkels doorbreken. De sessies zijn in principe in de avonden en de kosten bedragen 135 euro. Het minimale aantal inschrijvingen is vijf en maximaal negen. Van de aanmeldingen zal de definitieve startdatum af hangen. Stuur een mail naar iwanjka@gmail.com om je -in potlood- aan te melden, of op de hoogte te blijven over dit traject.

 

 

Lezingen

In het najaar zal ik nog meer lezingen geven. Tevens kun je mij vragen om een lezing te komen geven (iwanjka@gmail.com). Dit gelft ook voor gastcolleges, gastlessen, deelname aan workshops, etc.

 

 

DelendHelen - vrije inlooop

In principe is elke woensdag een DelendHelen avond. Meld je van tevoren wel svp even aan via een mail aan iwanjka@gmail.com

 

 

*) Lezing 'Diagnose Levensklem': Ik beschrijf kort mijn eigen verhaal en ga dan vooral in op wat mij geheeld heeft en wat de kernelementen zijn van de in mijn boek beschreven aanpak (genaamd RdRemedy = Reiss-HumansSound Depression Remedy). Er is tijd voor discussie en uitwisseling van visie, ervaringen, etc. Het boek is ter plekke ook te koop (20 euro).

 

**) Sint Jorisstraat 64: met OV 10 min. van station Amersfoort (lopend, er rijden veelvuldig bussen). Met de auto kun je het beste parkeren in parkeerplaats sintjorisplein (volg richting gemeentehuis, en dan is tegenover het gemeentehuis de parkeerplaats, dan 200m lopen).

 

***) DelendHelen avond - vrije inloop: Deze avonden kennen een vrijer karakter. Afhankelijk van de aanwezigen bepaal ik een agenda. Delen van ervaringen en het kunnen stellen van vragen staat voorop. Dit kunnen vragen zijn over de eigen situatie, hoe ik bepaalde dingen zie, over de GGZ, diagnoses, behandelplannen, etc. Kosten bedragen 15 euro per deelnemer. Meld je svp uiterlijk 1 dag van te voren aan.

 

 

 

Artikel Mary O’Hagan: Sluit alle psychiatrische ziekenhuizen in Nederland’

[Bron: Psy 23 juli 2010, Link naar de bron]

 

Mary O’Hagan: Sluit alle psychiatrische ziekenhuizen in Nederland’

 

Als hoogste ambtenaar van het ministerie van Volksgezondheid in Nieuw Zeeland was ervaringsdeskundige Mary O’Hagan verantwoordelijk voor een grootscheepse invoering van herstelgerichte zorg in de geestelijke gezondheidszorg. Onlangs gaf ze in Nederland een masterclass. ‘Bij ons krijgen patiënten managementcursussen aangeboden, zodat ze in zorginstellingen de leiding kunnen nemen.’

 

Wat verstaat u onder herstelgerichte zorg?

‘In essentie is het een nieuwe zorgfilosofie, met als uitgangspunt dat psychische ziekten een betekenisvol onderdeel zijn van de persoonlijke levensgang.

Geestelijk ziek worden, is een ramp met verstrekkende gevolgen, maar we moeten ophouden er uitsluitend pathologisch naar te kijken. Want het is tegelijkertijd een levenservaring waar je van kunt leren. En vaak bestaat er een uitweg naar een vol en bevredigend leven, zo blijkt uit de ervaringen van veel “opgegeven patiënten.’

 

Hoe verging het u?

‘Ik kreeg de diagnose bipolaire persoonlijkheidsstoornis en leed - jaren geleden - onder extreme gemoedswisselingen. In mijn psychosen was ik ervan overtuigd dat ik naar een andere planeet zou verhuizen. Mijn psychiaters waren niet geïnteresseerd in de inhoud van die waanbeelden. Die konden alleen bestreden worden met medicatie, zeiden ze. Maar voor mij waren de waanbeelden wel betekenisvol, ze stonden symbool voor mijn vervreemding van de wereld.

Achteraf bezien, beschouw ik het als een strijd die ik - met hulp van medicatie - heb gewonnen. Ik kijk erop terug als een initiatie in de volwassenheid: ik heb geleerd met de ziektesymptomen om te gaan, om goed voor mezelf te zorgen en ik heb ontdekt dat zelfmedelijden bij mij destructief uitpakt.

In plaats zelfmedelijden te hebben en de moed te verliezen, ging ik mogelijkheden zien en kansen benutten. Toen ik stabiel genoeg was, kreeg ik een baan en verhuisde ik naar een andere stad. Door mijn positieve ervaringen en behaalde successen kreeg ik steeds meer zelfvertrouwen.’

 

Moeten behandelaars de inhoud van waanbeelden serieuzer nemen?

‘Er zijn wel psychiaters geweest die waanbeelden hebben geanalyseerd, maar altijd op een negatieve manier; als onderdeel van de pathologie, niet als leerzame ervaring die sturend kan zijn voor iemands levensloop. De ggz kijkt naar de beperkingen van patiënten, de herstelbeweging richt zich op hun kracht en mogelijkheden. Mijn psychiater zei ooit: “U zult voor de rest van uw verdere leven ziek zijn en nooit meer volwaardig kunnen werken.” Het klonk alsof ik geen hoop mocht hebben, geen toekomst.

De samenleving vindt gekte angstaanjagend, het staat op de laagste trede van de hiërarchische ladder van menselijke ervaringen. Een belangrijke reden waarom veel psychiatrische patiënten maar niet herstellen, is dat ze worden gediscrimineerd. Als erkend werd dat het krijgen van een psychiatrische ziekte een betekenisvolle ervaring kan zijn, zou geestesziekte beter worden geaccepteerd en krijgen patiënten meer respect.’

 

Uw visie had enorme implicaties voor de ggz in Nieuw Zeeland.

‘Herstelgerichte zorg vraagt om een herschikking van de hulpverlening en om een andere houding van de samenleving. Want patiënten herstellen niet in een vacuüm en het oude systeem hield hen gevangen in hun ziekte. Patiënten willen een baan, een woning en een partner.

Twaalf jaar geleden richtte onze regering al haar pijlen op de invoering van herstelgerichte zorg. Alle grote psychiatrische ziekenhuizen zijn gesloten. Want hoe kunnen patiënten daar werken aan hun herstel? Die grote instituties scheiden patiënten van de samenleving, hun hiërarchische organisatie maakt gelijkwaardige zorgrelaties onmogelijk, ze ontnemen patiënten hun vrijheid en hebben een depersonaliserende uitwerking.’

 

En verder?

‘De overheid startte een antidiscriminatie campagne die nu nog loopt. Deze bestaat uit televisiespotjes van bekende oud-patiënten met een succesvol leven, zoals spelers van het nationale rugbyteam. De houding van de samenleving ten opzichte van psychiatrische patiënten is hierdoor meetbaar verbeterd.

Patiënten hebben bij ons grotendeels de regie over hun eigen herstel en worden door hulpverleners als gelijken behandeld. Ze worden goed geïnformeerd over hun medicatie, worden nauw betrokken bij hun behandeling - ze schrijven mee aan hun behandelplan - en worden aangespoord hun eigen verantwoordelijkheid te nemen. Het mag niet zo zijn dat hulpverleners alsmaar oplossingen aandragen die patiënten klakkeloos overnemen.

De betutteling moet eraf en hulpverleners moeten patiënten niet altijd in bescherming willen nemen. Moedig ze liever aan hun dromen te verwezenlijken. Bij ons krijgen patiënten managementcursussen aangeboden, zodat ze in de zorgorganisaties de leiding kunnen nemen. Het merendeel van het zorgpersoneel zou zelfs uit ervaringsdeskundigen moeten bestaan, vind ik. In Nieuw Zeeland hebben we ook een landelijk peer support-systeem opgezet, met als uitgangspunt dat de toegang tot ervaringsdeskundige buddy’s net zo groot moet zijn als tot medicatie en psychotherapie. Je hoort het, we hebben veel meer nodig dan pillen en behandelingen om echt beter te worden.’

 

Wat vindt u van de Nederlandse ggz?

‘Nederland heeft veel psychiatriebedden, vooral dat houdt de overgang naar herstelgerichte zorg tegen. En ik heb sterk de indruk dat jullie zorg te paternalistisch is en dat mensen zich te comfortabel voelen bij de voordelen van de verzorgingsstaat. Ik ben geen voorstander van het Amerikaanse systeem, maar patiënten moeten er wel toe worden aangemoedigd een weg te zoeken uit de psychiatrische zorg.

Een concreet advies: sluit alle psychiatrische ziekenhuizen, help patiënten in hun eigen huis, organiseer een grootscheepse antidiscriminatie campagne, richt een landelijke peersupport service op en vervang de organisatiestaf door ervaringsdeskundigen.’

 

Wordt u, als ervaringsdeskundige, op het ministerie in Nieuw Zeeland serieus genomen?

‘Discriminatie is een stille kracht. Soms voel ik dat mensen minder van me verwachten. Maar dat was nooit een belemmering voor mijn functioneren. Dat komt vooral door zelfvertrouwen, ik heb me nooit geschaamd. Als je zo’n strijd met een psychiatrische ziekte hebt gevoerd, verdien je lof en bewondering in plaats van disrespect.’ (JH)

 

Klik hier voor meer informatie over Mary O’Hagan

 

 

Geblogd met Flock-browser